Een perceptie van bloed in kunst: een vloeibare symboliek

In de kunst heeft bloed en het fysieke gebruik ervan een geheel eigen rol. Het representeert zich als opstandig, rebels en zelfexpressionistisch. Gaande van een opstand tegen extreem conservatieve sociale omgevingen door je in te smeren met allerlei vormen van lichaamsvloeistoffen tot politiek getinte portretten gemaakt met menstruatiebloed, bloed zwemt in symboliek.

De symboliek van het bloed

De bloedsomloop is in de zeventiende eeuw door de Britse arts William Harvey beschreven. Bloed eigent zich nog steeds een symbolische rol toe. Het is een intrinsiek gedeelte van de levenden, maar wordt evengoed vaak gelinkt met de doden. Voor kunstenaars vanaf de late middeleeuwen heeft dit een tweestrijd geleverd op het doek. De representatie van de levenden in combinatie met bloed ontpopt zich tot een uitdagende taak.

andres-serrano-piss-christ-1987-cibachrome-silicone-plexiglass-152x102cm-p156“Piss Christ” Andres Seranno (1987)

Maar de symboliek van bloed reikt veel verder. Hangend aan het kruis belichaamt het bloed van Christus zijn dood voor de zondaars. Bloed heeft de macht om veel zonden van mensen doorheen de eeuwen te verzoenen. Wie op het bloed van Christus vertrouwt, zal gered worden en heil vinden. Binnen de Islamitische en Joodse wetten circuleren er regels over het goede en reine. Hierbij worden dieren ritueel geslacht en het bloed wordt op een specifieke manier van het lichaam ontdaan.

Rebellie tegen de maatschappij

Werken met lichaamsvloeistoffen doen dikwijls de wenkbrauwen fronsen, hetgeen sommige kunstenaars precies willen bereiken. Door bloed –het eigen of van dieren– te gebruiken, nemen ze een bepaald standpunt in tegenover de maatschappij, ontketenen ze een debat en zetten ze een bepaald thema op de kaart.

Vanuit dit standpunt ontstond er in de jaren zestig het Weense Aktionisme, een verzamelnaam voor enkele kunstenaars die zich hardnekkig verzetten tegen de conservatieve sociale cultuur die wij in het Westen kennen.

Volgens Herman Nitsch, een van de leden van het Weense Aktionisme, is de natuurlijke aard van de mensheid onderdrukt door sociale normen en conventies. Rituele slachtingen en zelfverminking waren een manier om hieraan te ontsnappen. Door het ritueel slachten van dieren en het fysieke contact met bloed – door bijvoorbeeld een varken vast te nagelen aan een kruis – kan de repressieve energie, die de donkere samenleving teweegbrengt, losgelaten worden.

10_Hermann_Nitsch_50.Aktion_1975“Aktionen” Herman Nitsch; mens/varken aan kruis

De performancekunstenaars pogen op een directe manier expressie weer te geven in een serie van sadomasochistische voorstellingen. Maar soms blijft het louter bij het nagelen van een varken aan een kruis en bloed van een slachthuis gebruiken. Zelfs al overgiet je jezelf compleet met varkensbloed, als publiek blijft het geheel een voorstelling zonder al te ernstige consequenties voor de artiest. Een extremere manier van rebellie tegen de maatschappelijke normen en waarden komt pas tot stand door middel van zelfverminking. Dat is iets waar een ander lid van het Weense Aktionisme, Günter Brus, mee aan de slag ging in zijn serie van “actieschilderingen”, wat neerkomt op zelfverminking met een scheermes en punaises. Zo bestudeert hij, weliswaar via choquerende reacties, de onderliggende en onbewuste structuren van het menselijk handelen.

Een feminien blik op bloed

Wanneer er in 1973 een gewelddadige verkrachting plaatsvond en uitgebreid aan bod kwam in de pers, koos Ana Mendieta ervoor het beeld dat ze zichzelf inbeeldde vast te leggen in Rape Scene. Alsof je kijkt naar een politiefoto van een plaats delict, zij naakt met zich op haar achterkant terwijl haar kont naar boven wijst en haar benen en billen besmeurd zijn met een laag bloed. Hoewel het niet representatief is voor de gehele reeks, gaat Mendieta met deze ene foto de strijd aan met geweld tegen vrouwen.

06ec3394179c40a1bab1532d8d2d6ae2Ana Mendieta “Rape Scene” (1973)

Het is een van de vele voorbeelden van het gebruik van bloed in feministische kunstwerken. Uiteraard verwerkt niet elke kunstenaars bloed op eenzelfde expliciet manier en benadrukt de een het meer dan de andere – zeker tussen de seksen. Bloed is een krachtig teken, een vrouwelijk teken. Voor een vrouw is, door haar maandelijkse interactie ermee, de relatie met bloed anders dan voor de man. Het stigma rond menstruatiebloed blijft bovendien nog steeds groot.

Menstruatiebloed is dan ook iets wat vaak terugkomt binnen de feministische kunststromingen. Voor I want your blood (2013) verzamelde Christen Clifford het menstruatiebloed van enkele vrouwen. Vervolgens goot ze dit tijdens een performance op welwillende jonge mannen, die Yves Klein-gewijs gebruikt werden als menselijke penselen. In Menstrual print with text (1993) van Portia Munson wordt de flow van menstruatiebloed opgevangen en als maandelijkse losse delen van een scheurkalender opgehangen. En terwijl de huidige president van Amerika zijn intrede deed, waren er meerdere kunstenaars die als statement portretten van de president maakten met menstruatiebloed.

Portia Munson “Menstrual print with text”Portia Munson “Menstrual print with text” (1993)

Dergelijke kunstwerken zijn taboedoorbrekend en vieren de vrouwelijke cyclus. Zoiets is nodig, maar doet het veel meer dan dat? Natuurlijk werken ook mannen met menstruatiebloed. Toch ontbreekt het aan hen vaak om zich als een open feministische kunstenaar op te stellen, niet alleen in de kunstensector maar in alle sectoren. Het betreft niet alleen de obsessieve verering van de vulva an sich, maar van al haar aspecten vereerd door iedereen. Dat zou pas een revolutie teweegbrengen.

Extreme vormen van zelfontplooiing

De symboliek van bloed en religie wordt eveneens geregeld gelegd door kunstenaars, waaronder de controversiële kunstenaar Anders Serrano. Hij bespeelt het heilige. Met Piss Christ (1987) is de artiest het bekendst geraakt, waarbij het beeld van Christus ondergedompeld wordt door de urine van de kunstenaar. Het is een verwijzing naar de échte manier waarop Christus stierf aan het kruis. Daarbij hoort bloed, maar ook urine en uitwerpselen. Als je hier niet tegen kan, heb je volgens de kunstenaar geen idee van hoe kruisingen er in het echt uitzagen. Dit is niet de enige manier waarop Serrano, zelf als Christen opgevoed, de dood terug laat komen in zijn kunstwerken. Door de dood in al zijn grauwe ‘eerlijkheid’ te tonen en hoe gruwelijk deze kan zijn, zoals in The Morgue (1992), lijkt het alsof de kunstenaar zich verzet tegen zijn eigen religieuze opvoeding. De dood is rauw en vaak oneerlijk – met of zonder tussenkomst van een god of een hiernamaals.

Het ‘zelf’ zal altijd een groot thema zijn voor kunstenaars. De Opvoeding, achtergrond en betekenis hiervan spelen een belangrijke rol, zoals bij de Zuid-Afrikaanse kunstenaar Kendell Geers.  In Bloody Hell (1990) wil hij weten wat het betekent om als blanke Zuid-Afrikaan in Afrika te wonen. Zijn cultuur en context zijn al eeuwen geworteld in het continent, maar toch bekijkt hij zichzelf nog steeds niet een van hen. Hij zoekt naar die ambigue contradictie, naar zijn culturele achtergrond en identiteit. In zijn zoektocht naar zijn identiteit en na zijn terugkomst van een politiek debacle, waste hij zich met zijn eigen bloed. Een doop, weliswaar een waar je niet schoon van wordt, enkel vuiler.

Kendell Geers “Bloody Hell”Kendell Geers “Bloody Hell” (1990)

In mijn bloed lopen ook verschillende culturen samen. Maar de rationalist in mij zegt dat mijn cultuur zich voornamelijk nestelt in de neuronen in mijn hersen, gekoppeld aan mijn opvoeding en omgeving. Toch is het banaal om bloed louter te reduceren tot de zuurstofleverancier die het fysiologisch is. De symbolische betekenis rond bloed is sterk en omnipresent. Met bloed valt te choqueren, maar evengoed te sensibiliseren. Net als andere lichaamsvloeistoffen is de symboliek van bloed zo sterk dat het een dankbaar medium is voor kunstenaars. En ze maken er maar al te graag gebruik van.