De kunstenares en de Fountain: Barones Elsa Von Freytag-Loringhoven.

 

Een kunstenares, een dichteres, een toonbeeld voor de artistieke avant-garde en guerrillastrijder in de seksuele politiek en het feminisme. Zo kunnen we barones Elsa von Freytag-Loringhoven het best beschrijven. Toch zien we ze nergens terugkeren in de kunstcanon. Onterecht? Deze kunstenares is, in tegenstelling tot waar velen Duchamp credit voor geven, de eerste kunstenaar die een ‘readymade’ tentoonstelde. Nog straffer, er zijn vermoedens dat de Fountain, het meest iconische conceptueel kunstwerk van de 20ste- eeuw, een werk was van haar. Beschuldigingen van diefstal, roekeloze verliefdheid, afwijzing en een mysterieuze dood. Een spannend verhaal dat snijdt tussen de feitelijke realiteit en fictie.

“Men may fill them, but it takes a woman to take a piss out of a urinal.”
Julian Spalding

Barones met ballen
Barones Elsa von Freytag-Loringhoven was een wild thing. Een vrouw die danste in veranda’s in niet meer dan een paar kousen, wat veren met genoeg stijl en explosie in het desbetreffend dadaïstische kaliber, dat je enkel de song “Walk like an egyptian” erbij kon zingen.

 

 

Een vrouw die zich bevond in meerdere open huwelijken, inclusief eentje met Oscar Wildes vertaler Felix Paul Greve. Een vrouw die haar gedicht gepubliceerd zag in kranten en boeken naast fragmenten uit de Ulysses van James Joyce. Een vrouw die door Duchamp werd beschreven als “…niet alleen iemand die werk maakt uit de toekomst, maar de toekomst gewoon is” (uit een briefwisseling). Ze is ogenschijnlijk een rolmodel voor vele kunstenaressen vandaag. Toch verdween ze na haar dood in de anonimiteit. Wat is er met haar gebeurd?

 

Barones Elsa von Freytag-Loringhoven

Barones Elsa von Freytag-Loringhoven was een keiharde weirdo. Een vrouw met een leven dat vaak letterlijk ongelofelijk was. Geboren in Duitsland, nam ze op haar 18e een ruwe start toen haar moeder stierf aan kanker, gekregen door onbehandelde syfilis die Elsas moeder kreeg van haar echtgenoot. De jonge Elsa was razend wanneer de vader opnieuw trouwde en verliet kort daarop Berlijn. Ze woonde bij de zus van haar moeder, waar ze haar weg vond in de poëzie en literatuur. Ze woonde ook nog even in München toen ze trouwde met haar eerste man, de architect August Endell. Ze scheidden niet veel later en ze trouwde opnieuw met een zekere Grave. Hij bleef heel haar leven langs haar zijden, soms als partner, soms ook als vriend. Op het moment dat ze trouwden, wilde het koppel naar Amerika verhuizen maar omwille van financiële stress liep dat faliekant mis. Elsa fakede samen met haar man Grave zijn zelfmoord, waardoor ze in alle geheim konden verhuizen naar New York. De titel barones ontving ze toen ze in 1913 trouwde met Baron Leo von Freytag-Loringhoven, die terugkeerde naar Duitsland na het uitbreken van WOI, waar hij zichzelf (al dan niet accidenteel) doodschoot.

Ook haar einde was triest. In 1923 besloot de Barones om terug te keren naar Europa. Ze had een appartementje in Greenwich maar dat hield ze niet lang vol. Ze sleepte zichzelf dakloos door de straten van New York, Upper Manhattan, waarna ze besliste om terug te keren naar Berlijn. In Berlijn kwam ze te weten dat haar vader overleden was en dat ze onterfd was nog voor zijn dood. Ze verkocht dan maar kranten op de Kurfürstendamm om een opname in de psychiatrie te vermijden. Het is nu ook geen geheim dat haar mentale gezondheid niet altijd even goed was. Ze hoopte dat Parijs een oplossing zou bieden, maar kreeg geen visum – ook niet toen ze naar de ambassade trok met een verjaardagstaart op haar hoofd om te bewijzen dat ze een kunstenares was. In 1926 geraakte ze dan toch in Parijs, na het chanteren van wat vrienden en dankzij een donatie van haar vriend en ex-geliefde George Bernard Shaw. Maar ook in Parijs gebeurde niets voor haar. Arm en moe stierf ze in haar flat met de gasfles nog open – gestikt in de fatale gassen. Of dit een ongeluk was of een bewuste actie, weten we niet. Gedichten over zelfmoord keerden regelmatig terug in haar schrijven. Barnes, een ex-geliefde, eiste haar lichaam op, maar vergat na lange tijd waar hij zijn vriendin begraven had en zelfs of ze ooit wel begraven was.

Verliefd op Duchamp

De barones beleefde haar topjaren toen ze kon vertoeven in de dadaïstische scene van New York, in Greenwich Village zo ongeveer tussen 1913 en 1923. Het waren haar hoogdagen. Ze bevond zich temidden van de Dada-beweging in New York, waar op dat moment ook Man Ray en Marcel Duchamp vertoefden. Samen maakten ze de film The Baroness Shaves Her Pubic Hair (1921). De barones leefde met grote intensiteit in New York, waar ook DIY-Fashion statements aan te pas kwamen. Vrij, open en compleet van de pot gerukt. Helaas ook een beetje letterlijk…

 

remake van ‘the baroness shaves her pubic hair’ (1921)

 Haar ‘seksueel veldwerk’ ging tevens verder met veel succes en zonder enige teleurstelling. Ze werd bovendien verliefd op Duchamp. Er zijn citaten terug te vinden in haar brieven en poëzie als: “Marcel, Marcel, i love you like hell, Marcel”. Via vrienden uit de omgeving, zoals William Carlos Williams, weten we dat ‘Casual flirten’ niet iets was dat de barones was toe besteed. Het was altijd een kwestie van alles of niets. Niet veel later maakte ze de keuze om naast haar schrijven ook kunst te maken. Ze schilderde zo portretten en creëerde humoristische, delicate sculpturen met gevonden materiaal als een soort assemblage.

Haar liefde voor Duchamp werd echter niet beantwoord. Hij zei haar voorzichtig en beleefd dat ze de pot op kon. En zo rest er vandaag, van de liefde voor Duchamp, niet meer dan een kunstwerk die ze aan hem opdroeg.

portrait-of-marcel-duchamp-1919Elsa von Freytag-Loringhoven – Portrait of Marcel Duchamps (1919)

De pispot
Duchamps bekendste werk is toch wel zonder twijfel Fountain. Het werk betreft een urinoir die hij anoniem heeft ingezonden voor een tentoonstelling in 1917, namelijk de Society of Independent Artists, New York. Hij deed dit onder een fictieve naam: Richard Mutt. De tentoonstelling claimde elk werk te willen tentoonstellen dat werd ingestuurd. Toch weigerden ze de urinoir. De urinoir verdween maar het protest rond de weigering van de fontein overschaduwde de rest van de tentoonstelling in de media. Het werk klopte het zelfs tot een van de hoogtepunten op vlak van wereldnieuws.

Op 11 april 1917 schreeft hij het volgende naar zijn zus Suzanne: “Une de mes amies sous un pseudonyme masculin, Richard Mutt, avait envoyé une pissotière en porcelaine comme sculpture”. Even vertaald: “Één van mijn vriendinnen, onder een mannelijk pseudoniem, Richard Mutt, heeft een urinoir gestuurd in porselein, als een fontein”. Het is dus misschien helemaal niet Duchamp die het had ingediend. De sterkste kandidaat die die ‘goeie vriendin’ kan zijn, is de Baroness Elsa von Freytag-Loringhoven. En dit omwille van volgende argumenten:

We weten dat de barones op het moment van de tentoonstelling in Philadelphia was en in de kranten werd er ook gezegd dat Richardd Mutt daaruit afkomstig zou zijn. Tegelijk was haar man op dat moment aan het vechten in Duitsland tijdens WO I. Hij pleegde daar vermoedelijk zelfmoord. Dit impliceert mogelijks dat de woordspeling ‘R. Mutt’ = Armut = armoede, des te belangrijker is. Het kan geïnterpreteerd worden als een anti-Duits statement, verwijzend naar intellectuele armoede.

Het is eveneens geweten dat de fabriek JL Mott Iron Works op Fifth Avenue, waar Duchamp mogelijks ‘de urinoir’ zou zijn gaan halen, niet eens dat model in de handel had. Ook bepaalde claims die Duchamp maakte rond het werk, waren pas geuit toen zowel de Barones als de fotograaf van de Barones overleden waren.

Ook als we naar het werk an sich kijken, merken we bepaalde overeenkomsten op. De urinoir sluit qua beeldtaal meer aan bij het werk van de Barones. Het werk is grotesk, grof en humoristisch – eigenschappen die het oeuvre van de barones meer karakteriseert dan dat van Duchamp.

De barones ‘vond’ al jaren voordien objecten op de straat die ze tot kunst verklaarde. Zij zou dus de eerste zijn die het concept ‘ready made’ had uitgevonden. De kunstwerken zijn vooral voorwerpen die een vaak religieuze en archetypische naam kregen. Het eerste werk waarvan we weet hebben, is Enduring Ornament uit 1913. Wel te verstaan: 5 jaar voordat Duchamp het deed.

 


Enduring ornament (1913) en 
God (1917)

Naast gevonden voorwerpen had Duchamp ook oog voor het zogenaamde cross-dressing: een stilering van het lichaam volgens conventies die met de andere sekse geassocieerd worden. De Barones was met enige zekerheid de inspiratie voor zijn cross-dressing alter-ego Rrose Selavy (zie daar, “Rose, c’est la vie”). De Barones maakte niet alleen zelf haar kleren, maar kleedde zich vaak als man. En daar nam Duchamp hoogstwaarschijnlijk een stukje van over.

rrose selavy duchamps 1920 - foto door man ray
Marcel Duschamp als Rrose Selavy, gefotografeerd door Man Ray (1920)

Het verschil tussen diefstal en misplaatsing
Er valt nog heel wat meer te zeggen over of Duchamp al dan niet het idee of het zelfs het werk gestolen heeft van Barones Elsa von Freytag-Loringhoven. Relevante bijkomstigheden en voldoende omkadering van de terechte twijfel hebben we al gegeven. Tegelijk is het iets waar we nooit het fijne van zullen – of kunnen – weten. Gaf de Barones (uit liefde?) het werk aan Duchamp, of heeft hij het gestolen van haar? Wel staat vast dat er iets in de geschiedschrijving van Fountain (1917) ‘abnormally shady’ is. Wie zijn schuld is dit? Hoe komt dit zelfs?

Alles tesamen leek het precies een te groot risico om dit baanbrekende werk toe te schrijven aan een controversiële kunstenares, en misschien verdween ze daarom maar in de achtergrond. Alsof het enkel een man zou kunnen zijn die deze iconische stap in de kunstgeschiedenis kan zetten. Het toont opnieuw dat de kunstgeschiedenis te veel tijd spendeert in het licht, het beroemde en de canon die we kennen. Het besteedt te weinig tijd in het donker, waar de vrouwen die kunst maken zich vandaag nog te vaak bevinden.

Laten we ons even de vraag stellen: hoe anders zou de 20ste eeuw zijn geweest mocht het icoon van de conceptuele kunst een actie geweest zijn van een controversiële, grove, paradigmatisch uitdagende feminist’ en kunstenares?

jenny odell the fountainJenny Odell – Fountain (2016)

 

 

Wie niet genoeg krijgt van de barones en zich wil verdiepen in de biografie: https://timeline.com/baroness-elsa-dada-poetry-ceef0930cd47

Wie meer wil leren over Rrose Selavy:
http://www.anothermag.com/art-photography/8084/meet-rrose-selavy-marcel-duchamp-s-female-alter-ego

Featured image: M. Duchamp – The Fountain (1917)